Informatie aanvragen

ACT voor opleiders in onderwijstrajecten

Waarom zouden lerarenopleiders kennis nemen van ACT. Het suggereert een therapie te zijn, en dit lijkt voorbehouden te zijn aan psychologen. Helaas spelen veel processen, die persoonlijke ontwikkeling (en daarmee professionele ontwikkeling) belemmeren, zich voor onze ogen af. Soms zijn wij als opleider de enige waarbij de student, of startende leraar, zijn verhaal kwijt kan.  Uit recent onderzoek van  Schaufeli (2018) blijkt dat de kans op overbelasting en burnout helaas meer bij leraren voorkomt dan bij andere doelgroepen. Ook zijn degene waar tussen wij ons bewegen jong, zowel de leerlingen, de studenten en onze startende collega’s. Daarom hoopt één van de Nederlandse grondleggers van de ACT, Gijs Jansen, dat zo veel mogelijk opleiders bekend raken met de ACT, zodat vooral jonge mensen in het VO en het MBO bekend raken met de technieken en uitgangspunten. In België wordt momenteel een loopbaantool ontwikkeld, waarin ACT een belangrijke rol speelt (https://act-in-lob.eu/MEDIA/doc/informatie%20over%20het%20onderzoek.pdf).

Psychologische Flexibiliteit De focus van ACT ligt op het vergroten van de psychologische flexibiliteit. Dit staat voor het opgeven van de strijd tegen ales wat je liever niet wil denken, voelen en zijn (Jansen, 2018). De weg hier naar toe voert via  zes zuilen: Acceptatie en bereidheid, Defusie, Contact in het ‘hier en nu’, Zelf als context, Waarden en Toegewijde actie.

Bovenstaand zie je het ACT-model weergegeven: het ACT-hexaflex. Het ACT-hexaflex illustreert mooi hoe alle ACT-processen met elkaar in verband staan en samen psychologische flexibiliteit vormen.

Betekenis van deze zuilen in het kort:

- Acceptatie: Het actief uitnodigen van vervelende gedachten, gevoelens en   omstandigheden. - Defusie: Loskomen van je gedachten, zodat deze je minder snel zullen raken. - Hier en nu: In contact komen met het hier en nu.

- Zelf als Context: Een andere, meer flexibele relatie met jezelf creëren. - Waarden: Ontdekken wat je werkelijk belangrijk vindt in het leven. - Toegewijd Handelen: Dingen gaan ondernemen op basis van je waarden.

Context en Doel: Lerarenopleiders dienen agogisch bekwaam te zijn. Veel van hun 'tools' komen uit de psychologie. Een (relatief) nieuwe vorm van begeleiden komt voort uit ACT en is voor lerarenopleiders zeker de moeite waard om kennis mee te maken.

ACT als begeleidingstool voor docenten in opleiding en (startende) docenten:

Als opleider heeft ACT veel te bieden voor degenen die je opleidt en coacht.

Neem bijvoorbeeld een docent in opleiding die faalangstig is. Is hij of zij bereidheid, door bijvoorbeeld het doen van oefeningen, zijn vermijdingsstrategieen onder ogen te zien.

Wat te doen bij iemand die last heeft van overtuigingen, bijvoorbeeld dat hij als beginner alles moet weten; hier kun samen experimenteren met defusie: gedachten kunnen we niet ombuigen zoals bij de RET, maar kunnen we ontkoppelen van gevoel en gedrag.

Hoe 'streng'ben  je voor jezelf als docent, of als beginnend beroepsbeoefenaar: Kun je compassie met jezelf hebben, in plaats van nog meer van jezelf te eisen, wanneer je het al zo druk hebt.

Ook kun je met degene die je begeleidt de focus leggen op werken in het hier en nu, niet altijd in de doe-modus staan.

Tot slot kun je de ander de ‘waardenlijst’ in laten vullen, en ontdek je samen hoe psychologisch flexibel de ander is.

Kortom: de moeite waard om ACT zelf eens te beleven en door te geven aan anderen.